De 7 dagen

Eerst een waarschuwing:

 

Hoofdstuk indelingen zijn door mensen ingevoegd en soms

volledig verkeerd geplaatst, Gen.1; 2:1-3 horen bij elkaar,

men ziet dan het juiste beeld, de 7 dagen zijn dan com-

pleet en vormen samen een week, de Scheppingsweek.

Een heel belangrijk voorbeeld van een foutieve indeling

dat tot ernstige misvattingen heeft geleid is Math. 17.

Math.16:27-28 hoort bij hoofdstuk 17. (De verheerlijking

op de berg, wordt verder op in het menu uitgelegd onder

Mozes en Elia)

                                 ——————————-

                                   

 

Genesis 1; 2:1-3 is de blauwdruk van de Schepping, niet de

uitvoering maar geeft de tijdmodules aan.

 

Er wordt gesproken over 7 dagen welke een week vormen.

Van de eerste 6 dagen wordt steeds gezegd: het was

avond en morgen geweest, dus de tijdcyclus van elke dag was vol.

 

Van de 7de dag wordt dit echter niet gezegd!

 

Dit houdt in dat de 7de dag nog steeds in de scheppings-

fase verkeerd, de scheppingsfase van de mens.

De mensheid is nu 6000j. oud en staat nog het 1000j. rijk

te wachten. (Openbaring 20)

 

Wanneer er voor de 7de dag van de Scheppingsweek

7000j. staan, dan houdt dit in dat voor de andere dagen

van de Scheppingsweek óók 7000j. staan.

Het totaal aantal jaren komt dan op 49 000j.

 

Nu is het zo dat de bijbel aangeeft dat elke 50tigste jaar

een jubeljaar is. (Leviticus 25). We kunnen dit door

projecteren op de Scheppingsweek.

Het totaal aantal jaren van de huidige Schepping zal dan 50 000j. zijn.

Dit is volledig in overeenstemming met de C14 methode

die het leven op aarde ook op zo´n 50 000j. dateert.

 

Genesis 2 geeft een bevestiging van het bovenstaande:

 

vs.4,  Dit is de geschiedenis van de hemel en de aarde, 

          toen zij geschapen werden. Ten tijde, dat de Here

          God aarde en hemel maakte,

vs.5,   – er was nog geen enkele veldgewas op de aarde

          en er was nog geen enkel kruid des velds uitge-

          sproten, want de Here God had het niet op de  

          aarde doen regenen, en er was geen mens om de

          aardbodem te bewerken;

vs.6,  maar een damp steeg op uit de aarde en bevoch-

          tigde de gehele aardbodem –

vs.7,  toen formeerde de Here God de mens van stof uit

          de aardbodem en blies de levensadem in zijn neus;

          alzo werd de mens tot een levend wezen.

 

We zien in de verzen 4-7 duidelijk dat wat er in Gen.1 en

2:1-3 geschreven staat de blauwdruk van de Schepping

is, vooral vs.5 is hier een bewijs van.

 

De Schepping van planten, dieren en de mens vinden een

aanvang in vs.6-7. We zien dit bevestigd in het boek Job.

 

nieuw tabblad